Spring naar inhoud

Dossier: De Boerenoorlogen

In 1899 trok Alice Bron naar de Boerenoorlog in Zuid-Afrika om de gewonden langs de kant van de Boeren te helpen. Het conflict tussen de Britten en de Boeren was zeer bloederig en het ongeorganiseerde leger van de Boeren was sterk in de minderheid. Het werd een ongelijke strijd met desastreuze gevolgen.

Het conflict

De Boerenoorlogen - Vryheidsoorloë in het Afrikaans - waren twee oorlogen tussen de Britten en de Boeren. Beide groepen heersten in de tweede helft van de 19e eeuw over delen van het huidige Zuid-Afrika. De Britten wouden echter ook de Boerenkolonies onder hun bewind, aangezien er daar goud was gevonden.

De eerste oorlog vond plaats van 1880 tot 1881 en was een gevolg van de Britse annexatie van Transvaal in 1877. De Boeren verzetten zich tegen die inname van hun land. Ze wonnen en verzekerden zo de onafhankelijkheid van Transvaal.

Kaart ten tijde van de  Tweede Boerenoorlog

Maar het conflict was daarmee nog niet afgesloten. In 1895 deden de Britten een inval in Transvaal, de Jameson Raid. Het was hun bedoeling om een opstand te ontketenen bij de uitlanders, de Britse tweederangsburgers in de kolonie. Die opstand kwam er echter niet en de raiders werden opgepakt. De relatie tussen de Boeren en Britten bereikte een dieptepunt. Het Krugertelegram, waarin de de Duitse keizer Wilhelm de president van Transvaal - Paul Kruger - feliciteerde met het neerslaan van de inval, maakte de situatie er niet beter op.

De spanningen resulteerden in de Tweede Boerenoorlog. Het Verenigd Koninkrijk probeerde van 1899 tot 1902 zowel Transvaal als Oranje Vrijstaat te veroveren. Dit was de beslissende strijd.

Boergezind Vlaanderen

De Vlaamse steun voor de Boeren was tijdens de Tweede Boerenoorlog erg groot. De Boeren waren afstammelingen van voormalige Vlaamse en Nederlandse kolonisten en er waren in Vlaanderen toen sterke nationalistische gevoelens voor het Afrikaner volk en hun taal. Bovendien konden heel wat Vlamingen zich goed plaatsen in de situatie van de Boeren, aangezien ze in het pas opgerichte België het gevoel hadden dat ze onder het juk van de Franstaligen leefden. Er werd geld ingezameld en hulp opgestuurd. Alice behoorde tot de groep die zich het lot van de Afrikaners erg aantrok. Ze was een geëngageerde verpleegster en ging in 1899 mee op missie met het Rode Kruis om de zwaar toegetakelde Boeren te verzorgen.

Ongelijke strijd

Die hulp bleek broodnodig te zijn. Aan het begin van de strijd waren de Boeren nochtans aan de winnende hand. Zij vielen de Britse Kaapkolonie en Natal binnen, nadat de Britten niet gereageerd hadden op het verzoek om hun troepen terug te trekken van de grenzen. In een week boekten de Boeren drie overwinningen op de Britten. Maar toen arriveerden er Britse versterkingen. Het Boerenleger kon nu nog maar moeilijk op tegen de grote aantallen en militaire expertise van het Britse leger.

De strijd speelde zich eerst af aan de grens tussen Oranje Vrijstaat en Kaapkolonie maar de Britten wonnen steeds meer Afrikaner land. De Boeren zagen zich genoodzaakt om telkens verder terug te trekken. Terwijl ze de Boeren op de hielen zaten, vernielden de Britten boerderijen en namen ze voedsel in beslag. Er kwam een volksverhuizing op gang, iedereen vluchtte weg van het Engelse leger.

Concentratiekampen

Concentratiekamp

Tijdens het conflict sloot het Britse leger duizenden vrouwen en kinderen van Boeren op in concentratiekampen. De hygiëne was er slecht, voedsel schaars en de gevangenen werden zwaar verwaarloosd. Er stierven 26.370 vrouwen en kinderen (waarvan 22.074 onder de 16 jaar) door honger, ziekte en uitputting. Zwarte Afrikanen die met de Boeren sympathiseerden, werden in aparte kampen gevangen gezet. Ongeveer 20.000 van hen overleefden het niet. In Bloemfontein bezoekt Arnout een monument ter nagedachtenis van de slachtoffers.

De strijd wordt gestaakt

Verdrag van Vereeniging

In mei 1902 gaven de laatste boeren zich over en werd het Verdrag van Vereeniging getekend. De oorlog had aan 75.000 mensen het leven gekost. Transvaal en Oranje Vrijstaat waren niet langer zelfstandige Boerenkolonies maar werden opgenomen in het Britse rijk. Als compensatie kregen de Boeren 3 miljoen pond en de belofte dat ze ooit autonoom zouden worden. Er werd ook bepaald dat de politieke rechten van niet-blanken pas na zelfbestuur geregeld zouden worden. Hier ligt de basis voor de latere Apartheid.

Tot het bittere einde

De Boeren die het langst stand hielden en die zelfs na de Britse verovering van Pretoria niet wouden opgeven, noemde men de bitter-einders. Hun doorzettingsvermogen had echter wel een hoge prijs. De bitter-einders en hun families leden het hardst onder de concentratiekampen en vernielzucht van het Britse leger.

Heel wat van deze bitter-einders weigerden om het Verdrag van Vereeniging te tekenen. Zij gingen daarvoor zelfs in vrijwillige ballingschap. Doorheen de jaren keerden verschillenden van hen terug, zonder ooit het verdrag te erkennen. Sommige bitter-einders zagen later de onrust tijdens WOI als de perfecte gelegenheid om een opstand te organiseren, de Maritz-rebellie.

Colin is de achterkleinzoon van de laatste president van Oranje Vrijstaat, Marthinus Theunis Steyn. Steyn was een van de meest onverzettelijke Boerenleiders en een bitter-einder. Colin vertelt over de keuze van zijn overgrootvader en de gevolgen die de oorlog had voor de Boeren.

geschreven op 18 september 2017
VRTNU VRTNU VRTNU