
We kunnen Erik Van Looy niet verwijten wat vrouwen in volle baring wel eens naar het hoofd van hun mannelijke gynaecoloog slingeren; dat ze eigenlijk niet weten waarover ze praten.
We schrijven 2003, Erik schuift aan in De slimste mens. Zijn passage zal vooral herinnerd worden door een ongebreideld gebruik van schuttingtaal in een lokaal patois dat ergens stroomafwaarts van de Schelde gebezigd wordt. Tweemaal moest hij in de finale de eer laten aan zijn tegenstander: éénmaal aan Frank Vander linden, de andere keer aan Paul D’Hoore. Sindsdien begreep hij dat de enige plaats waar hij volledig tot zijn recht komt die van vraagsteller is.
We zijn 2004, één seizoen later. Erik maakt de overstap. Ondanks een voorliefde voor de licht aangebrande mop en een lach die het snerpend geluid van schuurpapier met grove korrel doet verstommen, stijgt zijn aaibaarheid naar ongekende hoogten. Zes jaar en zeven seizoenen later waagt hij zich aan een voorlopig orgelpunt: de presentatie van De allerslimste mens ter wereld!















