bereidingstijd: 60 minuten | aantal personen: 4

Het geheim van een perfect resultaat ligt in de zorgvuldige bereiding van deze Vlaamse klassieker. Kies frisse groenten en een stuk kwalitatief varkensgebraad. Met een eenvoudig sausje en gebakken kroketten erbij zet je een schotel op tafel die zowel op een doodgewone werkdag als op een feestdag blije gezichten tevoorschijn tovert.

extra materiaal:

  • een dunschiller
  • een vel aluminiumfolie
  • een friteuse (bij voorkeur gevuld met Ossewit)
     

Dit gerecht kan al op tafel gezet worden vanaf €4,00 per persoon.

De ingrediënten in dit recept zijn voor 4 personen. Wil je dit voor meer of minder personen klaarmaken? Dat kan: 1 persoon 2 personen 4 personen 6 personen 8 personen

ingrediënten

voor het varkensgebraad:

  • 800 g varkensgebraad
  • 1 klontje boter
  • peper
  • zout

voor de erwten en wortelen:

  • 1 bussel jonge wortel
  • 400 g erwten (vers of diepvries)
  • 1 dikke ui
  • 2 takjes tijm
  • 1 blaadje laurier
  • 1 klontje boter
  • 1 snuifje suiker
  • 1 scheutje natuurazijn
  • peper
  • zout

voor de saus:

  • 1 klontje (zachte) boter
  • 1 eetlepel bloem
  • 1 koffielepel graanmosterd
  • 1 dl water
  • peper
  • zout

bereiding

voor het varkensgebraad:

  • Haal het vlees een uurtje op voorhand uit de koelkast. Laat het op kamertemperatuur komen, zodat het op een ideale manier kan braden.
  • Verwarm de oven voor op 175°C.
  • Kruid het vlees aan beide zijden met peper van de molen en wat zout.
  • Smelt een klont boter in een ovenvast schaaltje waar het stuk vlees precies in past. Een te grote ovenschaal verhoogt de kans op verbrande boter.
  • Zodra de boter licht kleurt, leg je het gebraad erin. Kleur het vlees goudbruin langs alle zijden. Zet het vuur tussendoor wat zachter zodat de boter niet verbrandt.
  • Plaats het gebraad in de hete oven. Braad het gedurende zo’n 35 minuten op 175°C.
  • Haal het vlees uit de oven. Neem het stuk gebraad uit de ovenschaal, en leg het omgekeerd op een bord. Dek het vlees af met een vel aluminiumfolie en laat het zo’n 10 minuten rusten.

voor de erwten en wortelen:

  • Spoel de wortelen, verwijder het loof en schil ze met een dunschiller. Snij de groenten in dikke schijfjes. (ongeveer 0,5 cm)
  • Dop de erwten en spoel ze even onder stromend water. Of gebruik diepvrieserwten.
  • Pel en snipper de ui.
  • Zet een stoofpot op een matig vuur en smelt er een klontje boter in. Stoof de stukjes ui samen met een blad laurier en wat verse tijm.
  • Doe de stukjes wortel in de stoofpot en laat ze zo’n 10 minuten stoven op een zacht vuur. Roer regelmatig in de pot. Voeg tenslotte een snuifje suiker toe.
  • Doe de erwten erbij en schenk er ook een scheutje witte wijn of water bij. Zet het vuur zachter en laat de erwten en wortelen nog 5 à 10 minuten pruttelen. Proef en kruid de groenten naar smaak bij met peper en zout.

voor de saus:

  • De saus wordt een ouderwetse ‘beurre manié’. Giet het braadvet uit de schaal waarin je het vlees hebt gebakken. Zet de schaal op een matig vuur en schenk er wat water bij. Roer de smaakvolle aanbaksels los met een garde, zodat ze oplossen in het water. (deglaceren)
  • Doe een klont (zachte) boter in een schaaltje. Schep er de bloem over en meng beide tot een pasta. (Met een vork of simpelweg met propere handen.)
  • Schep de graanmosterd in de braadpan en meng er een deel van de boter met bloem bij. Roer met de garde tot de saus bindt. Voeg enkel meer boter met bloem toe, als de saus te weinig gebonden is. Proef en voeg naar smaak wat zout en peper toe.

voor erbij:

Serveer het gebraad en de groentjes met (diepvries)kroketten naar keuze. (klassieke kroketten, dennenappels, pommes duchesse, ...)

voor de afwerking:

  • Druppel een klein scheutje natuurazijn in de pot met groenten.
  • Snij het vlees in plakken met een scherp keukenmes.
  • Serveer een portie vlees met een schep erwten en wortelen. Leg er enkele kroketten bij en lepel wat saus over het vlees.